International Exhibition of Modern Jewelry, 1890-1961

International Exhibition of Modern Jewelry, 1890-1961 was een tentoonstelling in Londen (Verenigd Koninkrijk) waar werk te zien was van sieraadontwerpers. De expositie vond plaats van 26 oktober 1961 t/m 2 december 1961 in Worshipful Company of Goldsmiths, Londen (Verenigd Koninkrijk) en reisde daarna verder naar Japan en door de Verenigde Staten. Later is bij de tentoonstelling een publicatie verschenen die verschillende herdrukken heeft gehad.

Geschiedenis
Doel van de tentoonstelling was het vak van de sieraadontwerper meer aanzien te geven en zo de beroepsgroep een nieuwe impuls te geven. De tentoonstelling werd gecureerd door Graham Hughes, in samenwerking met Shirley Bury en Carol Hogben.

Eind juli 1960 kreeg de organisatie van de tentoonstelling een grote tegenslag te verwerken: als gevolg van budgettaire beperkingen trok het Victoria and Albert Museum zich terug als tentoonstellingslocatie en mede-organisator.

Hughes wist vervolgens de Worshipful Company of Goldsmiths zo ver te krijgen de expositie te huisvesten. Tot die tijd waren sieraden geen speerpunt van de Worshipful Company of Goldsmiths, een instituut dat eeuwenlang werd gedomineerd door mannen.

Op de expositie waren 1067 sieraden te zien afkomstig uit 28 landen. Er werden 901 objecten in bruikleen getoond, uit het bezit van 231 verschillende bruikleengevers. De meeste bruiklenen kwamen van particulieren, maar er kwamen er ook van internationale juweliershuizen uit zowel België, Frankrijk als het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Eveneens kwamen er bruiklenen uit de collecties van Det danske Kunstindustrimuseum te Kopenhagen (Denemarken), het Musée des Arts Décoratifs te Parijs (Frankrijk), het Museu Calouste Gulbenkian te Lissabon (Portugal), het Museum für Kunst und Gewerbe Hamburg, Hamburg (West-Duitsland) en het Nationalmuseum te Stockholm (Zweden).

Boek en tentoonstelling beschrijven en tonen de geschiedenis van sieraden vanaf circa 1890, het begin van de Jugendstil en ook het moment waarop diamanten een steeds prominentere rol gingen spelen door de toegenomen winning. Door industriële massaproductie nam de omvang van het gemiddelde sieraad af. Waar eerder alleen rijke en bevoorrechte lieden zich sieraden konden permitteren en het nogal letterlijk breed lieten hangen, kochten nu ook mensen uit “lagere” klassen sieraden; zij kozen waarschijnlijk uit praktische overwegingen voor kleinere formaten.

Hughes achtte de esthetische waarde van een sieraad hoger dan de intrinsieke waarde. Hij illustreerde dat met de volgende uitspraak: big stones lead to dull designs en breekt daarmee een lans voor het hedendaagse sieraad waarin de materiële waarde een ondergeschikte rol speelt. Een andere interessante stelling luidt: The jewelry trade is based upon the ancient and normal instinct of enjoying what you’ve got while you can, in contrast, for instance, to prudent but unnatural life insurance “saving when you can’t afford it, for when you don’t need it. Een andere stelling van Hughes die privileges benadrukt is deze: It is only a prosperous society that can afford the risk of buying very precious jewels where much of the value lies in the design, not the stones. Hughes vervolgt …a society that is prosperous but not optimistic, as in Europe today, may spend large sums of money on very precious jewels, but they will not risk much on new design, because they are not confident in the presence and the future.

De architect Alan Irvine (1926) heeft de expositie vormgegeven. Hij tekende voor het ontwerp van de 32 vrijstaande piramidale vitrines en ook de 17 wandvitrines. De tentoonstelling kende drie chronologisch geordende secties: 1890-1914, 1918-1939 en 1945-1961.

De Beers, de internationale diamantmijnenexploiteur, stelde £10.000,00 aan prijzengeld beschikbaar voor een ontwerpwedstrijd. Onder anderen Robert Adams, Kenneth Armitage, Mary Kessell, Frederick McWilliam, Bernard Meadows en Louis Osman deden mee aan de wedstrijd. Verschillende inzendingen belandden in de collecties van zowel Victoria and Albert Museum als Worshipful Company of Goldsmiths.

Het doel van de tentoonstelling werd grotendeels bereikt. Nieuwe galeries voor sieraden zoals Electrum Gallery ontstonden en musea als Victoria and Albert Museum startten een verzameling met eigentijdse sieraden.

In het boek beschrijft Hughes de ontwikkelingen van het hedendaagse sieraad in (West-)Europa en de Verenigde Staten. Hij stelt dat de meest succesvolle artefacten van de Jugendstil en het eclectische fin de siècle sieraden zijn. In beide stromingen immers gaat het om decoratie.

Deelnemende sieraadontwerpers
Robert Adams
Afro door Mario Masenza
Gilbert Albert (door Patek Philippe)
Kenneth Armitage
Hans Arp
Marit Aschan
Charles Robert Ashbee
Asprey
Pierre Baltensperger
Georges Bastard
Karl Johann Bauer
Friedrich Becker
Suzanne Belperron
Gerald Benney
Harry Bertoia
Louis Beschor
Marcel Bing
Ernest Blyth
René Boivin
Henrik Bolin door W.A. Bolin
Boucheron
Paul Brandt
Georges Braque door Henri-Michel Heger de Löwenfeld
Inge-Britt Dahlquist
Charles Bruno door R.G. Hennell
Irena Brynner
Mario Buccellati
Bulgari
Torun Bülow-Hübe
Meinrad Burch-Korrodi
Roberto Burle Marx
Alexander Calder
Franco Cannilla
Cartier
César
Lynn Chadwick
Jean-Claude Champagnat
Chardon door Régner
Chaumet
Giorgio de Chirico
Desmond Clen-Murphy
Jean Cocteau
John Paul Cooper
Étienne Cournault
Margret Craver
Salvador Dalí door Alemany
Sergio Dangelo
Alan Davie
Elisabeth Defner
André Derain
Charles Desrosiers door Georges Fouquet
Stuart Devlin
Thomas Dietschy
Nanna Ditzel (door Georg Jensen)
John Donald
Jean Dubuffet door Jean-Claude Champagnat
Rod Edwards
Max Ernst (door François Hugo)
Reinhold Ewald
Carl Fabergé
Claire Falkenstein
Fred Farr
Manuel Feliu Via door Juan Clavell
Firma H.J. Wilm
Paul Flato
Gerda Flöckinger
Lucio Fontana
Georges Fouquet
Jean Fouquet
Elisabeth Frink
Pablo Gargallo
Garrard
Alberto Giacometti
Alfred Gilbert
Rolf Goldschmitt
Julio Gonzáles
Eugène Grasset door Vever
Andrew Grima
Gübelin
Paula Guggitz-Ludwig
Bill Haendel
Esther Hartshorn
Ferdinand Hauser
Henkel & Grosse
Curt Herrmann
Josef Hoffmann
Hügler
François Hugo
Manolo Hugué
Herta Jalkotzy
Georg Jensen
Robert Johnston
Hermann Jünger
R.G. Kern
Mary Kessell
Valentin Axel Kielland
Arthur King
Jessie M. King door W.H. Haseler voor Liberty & Co.
Roger King (door Roy King)
Henning Koppel (door Georg Jensen)
Mary Kretsinger
Mary Kruming
Kutchinsky door Sanitt and Stein
Lacloche Frères
René Lalique
Erwin Lang door Koechert
Christine Kovacek
Mary Kretsinger
Helga Larsen
Henri Laurens
Stanley Lechtzin
Emil Lettré
Darani Lewers
Barbro Littmark door W.A. Bolin
Charlotte Lochmüller
Jean Lurçat door Patek Philippe
Charles Rennie Mackintosh
Bruno Martinazzi
Luis Masriera
Ewald Mataré
Mauboussin
Egon Mayer
Frederick McWilliam
Bernard Meadows
Meyer
John Paul Miller
Andreas Moritz
Philip Morton
Juliette Moutard door René Boivin en door Profillet
Alphonse Mucha
Henry George Murphy
Eva Renée Nele
Wiwen Nilsson
Emil Nolde
Nilda Nunez del Prado
Olle Ohlsson
Louis Osman door Roy King
Louis Osman door Desmond Clen-Murphy
Marianne Ostier door Oesterreicher
Gilian Packard door Desmond Clen-Murphy
E. Paltscho
Margaret de Patta
Dagobert Peche
Bengt Gabriel Pedersen door Hans Hansen
Sigurd Persson
Eugen Pflaumer
Pablo Picasso
Gianni Picchio
Mario Pinton
Arnaldo Pomodoro
Giò Pomodoro
Primavesi & Kauffmann
Emanuel Raft
Man Ray
Reinhold Reiling
Rudolph Charles von Ripper
José de Rivera
René Robert
Millicent Rogers
Francis Rose door Asprey
Jean Schlumberger (door Tiffany)
Sepp Schmölzer
Ilya Schor
Anna Semenoff
Enrico Serafini
Ann Seymour door Diamond Polishing Works
Naum Slutzky
Ettore Sottsass
Charles de Sousy Ricketts
Pierre Sterlé
Stern
Karen Strand door Dragsted
Alex Styles door Padgett and Braham Ltd voor Garrard & Co. Ltd
Ramon Sunyer
Charlotte de Syllas
Yves Tanguy
H. Taylor Rose
Charles de Temple
Paul Templier
Raymond Templier
Joan Josep Tharrats
David Thomas
Louis Comfort Tiffany
Toussaint
Elisabeth Treskow
Klaus Ullrich
Van Cleef & Arpels
Henry van de Velde
Fulco di Verdura
Vever
Tone Vigeland
David Webb
Ebbe Weiss-Weingart
M. Widmer door Gübelin
Henry Wilson
A.B. Winchcombe voor Garrard
Harry Winston
Tapio Wirkkala (door Westerback Oy)
Philippe Wolfers
C. Worsley door Garrard
Günter Wyss
Max Zehrer

Tentoonstelling
1961 – International Exhibition of Modern Jewelry, 1890-1961, Worshipful Company of Goldsmiths, Londen (Verenigd Koninkrijk) (26 oktober 1961 t/m 2 december 1961)

Bibliografie (selectie)
Amnéus, C., MacPhàrlain, A., Peltason, R., Ransome Wallis, R. en Triossi, A. (2020) Simply brilliant, artist-jewelers of the 1960s and 1970s. Lewes: D Giles Limited. ISBN 9781911282525
Doornbusch E. (11 april 2021) Boekbespreking Simply brilliant. hedendaagsesieraden.nl.
Doornbusch, E. (9 april 2021) Glamourous en onconventioneel: de collectie van Kimberly Klosterman. SieradenMuze.
Hughes, G. (1968) Modern Jewelry, An international Survey, 1890-1967. Londen: Studio Vista. ISBN 0289277094

Links
Wikidata

Donaties
Deze website heeft geen commercieel doel en is op persoonlijk initiatief, onafhankelijk en geheel op vrijwillige basis met minimale middelen tot stand gekomen. Wilt u dat steunen met een gift? Dat kan! U kunt uw bijdrage overmaken naar: NL27 TRIO 0781 5140 02 ten name van E. Doornbusch te Amsterdam onder vermelding van hedendaagse sieraden, ook kunt u doneren via paypal.me/hedendaagsesieraden. Giften zullen worden aangewend voor onderhoud en verbetering van de website.

Duurzaam verwijzen naar deze pagina? Gebruik dan deze link: https://hedendaagsesieraden.nl/2021/10/26/international-exhibition-of-modern-jewelry-1890-1961/

Geef een reactie